joo.jpg


David Disparos, Spaans videograaf en fotograaf, zet deze keer het mannelijke lichaam in de kijker. De naakte en trotse modellen kijken vragend in de lens en hun spieren spelen met kleuren en de omgeving die hen omringt. Terwijl het licht wordt bewerkt met spiegels die de brandende Spaanse zon weerkaatsen, komt elke houding, elke blik of elke intentie voort uit het model.

Sinds 2004 toont David Disparos zelfverzekerde individuen uit vluchtige ontmoetingen. Zijn foto’s zijn zowel esthetisch als therapeutisch en het resultaat van een langgerekt proces, een verleidelijk ballet, een dans met drie tussen het onderwerp, de fotograaf en zijn toestel.

David geeft probleemloos toe dat hij zich aangetrokken voelt tot deze modellen met een haast dierlijke en overontwikkelde mannelijkheid, in overeenstemming met de stereotypes van de heteroseksuele viriliteit. In het verleden en onder invloed van Tom of Finland waren opgepompte borstspieren de manier waarop de homogemeenschaap zich emancipeerde. Vandaag streven ze echter naar een ideaalbeeld dat ze steeds in vraag stellen. Die invraagstelling komt hier tot uiting in het ondeugende plezier dat de artiest haalt uit het onthullen en bedwingen van deze protserige viriliteit. Die mechanismen van verlangen, waarvan we slechts een glimp opvangen, beschrijft David met de woorden van filmregisseur Pedro Almodovar uit de monoloog van Todo sobre mi madre (Alles over mijn moeder): “Me llaman la Agrado” (Ze noemen mij de aangename). Het is immers een proces van charmeren en vertrouwen om deze mannen te overtuigen om het onderwerp en het voorwerp van de foto te laten worden, om hen “mooi te laten voelen”, om de blik van diegene die hen bekijkt te doen stralen.